Fair Forward
Duurzaamheid

Salderingsregeling stopt: wat betekent het voor je zonnepanelen?

In het kort

De salderingsregeling stopt op 1 januari 2027, in één keer en zonder afbouw. Daarna mag je teruggeleverde stroom niet meer wegstrepen tegen je verbruik en krijg je alleen een terugleververgoeding, terwijl veel leveranciers terugleverkosten blijven rekenen. Hoe meer zonnestroom je direct zelf gebruikt, hoe minder je ervan merkt.

  • Laatste dag salderen 31 december 2026
  • Afbouw geen, de regeling stopt in één keer
  • Vergoeding vanaf 2027 minimaal 50% van het kale leveringstarief, tot 1 januari 2030
  • Gecontroleerd 28 oktober 2026

Heb je zonnepanelen, dan verandert er over een paar maanden veel aan je energierekening. Het voordeel van salderen verdwijnt, en daarmee wordt de stroom die je terug het net op stuurt een stuk minder waard. In dit artikel lees je wat salderen precies is, wat er vanaf 1 januari 2027 geldt, wat dat in euro’s kan betekenen en wat je zelf kunt doen.

Wat is salderen?

Met salderen mag je de stroom die je zonnepanelen terugleveren aan het net wegstrepen tegen de stroom die je op andere momenten van het net haalt. Lever je 2.000 kWh terug en haal je 3.000 kWh van het net, dan betaal je in feite maar over 1.000 kWh. Over de weggestreepte kWh betaal je dus ook geen energiebelasting en btw. Daardoor was elke teruggeleverde kWh ongeveer evenveel waard als een kWh die je inkoopt.

Salderen stopt per 1 januari 2027, in één keer

Volgens de Rijksoverheid stopt de salderingsregeling vanaf 1 januari 2027; tot en met 31 december 2026 kun je nog salderen. Dat ligt vast in de Wet beëindiging salderingsregeling (36.611), die de Eerste Kamer op 17 december 2024 aannam. Bij de controle op 28 oktober 2026 noemt de Rijksoverheid nog steeds 1 januari 2027 als einddatum.

Belangrijk: er is geen geleidelijke afbouw. Eerder was het plan om het salderen vanaf 2025 stap voor stap af te bouwen. Het kabinet heeft daar vanaf gezien en laat de regeling in 2027 in één keer stoppen. Op 31 december 2026 mag je dus nog volledig salderen, op 1 januari 2027 helemaal niet meer.

Je leverancier moet je verbruik en teruglevering daarom splitsen in de periode tot en met 31 december 2026 en de periode vanaf 1 januari 2027, schrijft ACM ConsuWijzer.

Wat geldt er vanaf 2027?

Terugleveren blijft gewoon mogelijk. Wat verandert, is wat je ervoor krijgt:

  • Direct verbruik blijft het meest waard. Stroom die je zelf gebruikt op het moment dat je panelen hem opwekken, gaat niet over het net. Daarover betaal je geen leveringstarief, energiebelasting of btw.
  • Voor teruglevering krijg je een terugleververgoeding. Die moet tot 1 januari 2030 minimaal 50% zijn van de prijs die je betaalt voor stroom zonder energiebelasting en btw. Daarna moet de vergoeding ‘redelijk’ zijn, maar is er geen vast minimum, volgens de ACM.
  • Terugleverkosten blijven bestaan. Leveranciers mogen kosten doorrekenen die ze maken om teruggeleverde stroom te verwerken; de ACM houdt daar toezicht op. Die kosten kunnen soms hoger zijn dan de vergoeding. Hoe dat werkt en wat leveranciers rekenen, lees je in ons artikel over terugleverkosten.

Bij een vast of variabel contract houd je per teruggeleverde kWh netto vaak weinig over. Milieu Centraal (inmiddels Kenniscentrum Duurzaam Leven) rekent met netto rond de 1,25 cent per kWh. Bij een dynamisch contract krijg je de uurprijs, die soms negatief is.

Rekenvoorbeeld: wat kost het einde van salderen?

Een voorbeeld maakt het verschil concreet. Dit zijn de aannames:

  • 10 zonnepanelen van 435 Wp die samen 3.800 kWh per jaar opwekken, het voorbeeld van Milieu Centraal.
  • 30% direct eigen verbruik (1.140 kWh), het gemiddelde dat Milieu Centraal noemt voor huishoudens die hun verbruik niet sturen. De overige 2.660 kWh gaat het net op.
  • Jaarverbruik 4.000 kWh, zodat in 2026 alle teruglevering gesaldeerd kan worden.
  • Tarieven van één leverancier als voorbeeld: de rekenvoorbeelden van Eneco voor een 1-jarig vast contract (peildatum 25 februari 2026): leveringstarief € 0,1224 per kWh, terugleverkosten € 0,13329 per kWh in 2026 en € 0,03865 in 2027, terugleververgoeding € 0,05058 per kWh in 2027. Daarbij de energiebelasting van € 0,09161 per kWh excl. btw (2026), ongeveer € 0,1108 inclusief btw. Een ingekochte kWh kost in dit voorbeeld dus zo’n € 0,233 aan variabele kosten.
  • Voor beide jaren rekenen we met dezelfde stroomprijs, zodat alleen het effect van salderen zichtbaar is. Vaste leveringskosten en netbeheerkosten laten we buiten beschouwing.
Wat levert je zonnestroom op? 2026, met salderen 2027, 30% eigen verbruik 2027, 50% eigen verbruik
Direct verbruikt (× € 0,233) 1.140 kWh: € 266 1.140 kWh: € 266 1.900 kWh: € 443
Teruggeleverd 2.660 kWh gesaldeerd: € 620 2.660 kWh × € 0,05058: € 135 1.900 kWh × € 0,05058: € 96
Terugleverkosten − € 355 − € 103 − € 73
Waarde per jaar € 532 € 298 € 466

In dit voorbeeld is je zonnestroom na het einde van salderen zo’n € 234 per jaar minder waard. Weet je je eigen verbruik op te krikken naar 50%, dan haal je het grootste deel daarvan terug. Let op: dit is een rekenvoorbeeld, geen voorspelling. Tarieven, terugleverkosten en -vergoeding verschillen per leverancier en veranderen geregeld. Kijk voor je eigen situatie naar de tarieven in je contract en je werkelijke verbruik en opwek.

Wat betekent het voor de terugverdientijd van zonnepanelen?

Zonnepanelen worden minder lucratief, maar blijven volgens de bronnen de moeite waard. Milieu Centraal rekent voor 10 panelen met aanschafkosten van € 3.800 en een besparing van € 260 per jaar vanaf 2027, bij 30% zelfverbruik. Deel je die twee op elkaar, dan kom je op een eenvoudige terugverdientijd van ongeveer 15 jaar. Milieu Centraal noemt zelf geen vaste terugverdientijd (“lastig aan te geven en zal per situatie verschillen”), maar stelt wel dat panelen ongeveer 25 jaar meegaan en zich binnen die levensduur terugverdienen. Ook de ACM schrijft dat zonnepanelen zich gemiddeld ruim terugverdienen, ook na het einde van salderen.

Je eigen terugverdientijd hangt sterk af van je verbruik, hoeveel je direct zelf gebruikt, je contract en de stroomprijs. In ons artikel over de terugverdientijd van zonnepanelen lees je hoe je die zelf berekent.

Wat kun je doen?

De belangrijkste les na 2027: een kWh die je zelf gebruikt, is veel meer waard dan een kWh die je teruglevert. Volgens Milieu Centraal kost zelf opgewekte stroom ongeveer een kwart van de inkoopprijs.

Verbruik verschuiven en slim aansturen

Zet de wasmachine, vaatwasser en droger midden op de dag aan, bijvoorbeeld met de uitgestelde start, en niet allemaal tegelijk. Dat brengt je zelfverbruik volgens Milieu Centraal van ongeveer 30% naar zo’n 35%.

Elektrische auto laden met een laadpaal

Heb je een elektrische auto, dan is dit de grootste stap. Laad je die zoveel mogelijk als de zon schijnt, via de auto, de laadpaal of een app, dan kan je zelfverbruik stijgen naar ongeveer 50%. Slim laden kan ook rekening houden met dynamische prijzen.

Warmtepomp met voorraadvat

Laat het voorraadvat van een volledig elektrische warmtepomp overdag opwarmen met een tijdklok. Afhankelijk van de grootte van het vat stijgt je zelfverbruik naar 40 tot 50%.

Dynamisch energiecontract

Bij een dynamisch contract betaal je en krijg je de uurprijs. De ACM noemt dynamische contracten steeds interessanter voor huishoudens met zonnepanelen, omdat klanten weinig of geen terugleverkosten betalen. Wel past zo’n contract alleen als je het risico van sterk wisselende prijzen aankunt. Lees meer in slim besparen met dynamische energietarieven.

Thuisbatterij

Met een thuisbatterij sla je overdag zonnestroom op voor ’s avonds. Dat verhoogt je zelfverbruik van ongeveer 30% naar circa 60%. Tegelijk is een batterij duur: volgens Milieu Centraal kost een gemiddelde batterij van 6 kWh inclusief installatie een paar duizend euro, is er geen rijkssubsidie en verdien je hem op dit moment hoogstwaarschijnlijk niet terug met alleen de besparing op je stroomrekening. Wat een batterij kost en waar je op let, lees je in onze gids over de thuisbatterij.

Contracten vergelijken

Terugleverkosten en terugleververgoedingen lopen sterk uiteen per leverancier. De ACM raadt aan contracten goed te vergelijken. Als je leverancier de voorwaarden wijzigt, kun je kosteloos overstappen.

Voor wie verandert het meest?

Het einde van salderen raakt vooral huishoudens die veel terugleveren en weinig direct gebruiken: veel panelen, overdag niemand thuis en geen elektrische auto of warmtepomp. Gebruik je al veel stroom overdag, dan verandert er relatief weinig. Overweeg je nog zonnepanelen, reken dan alleen met de situatie zonder salderen.

Veelgestelde vragen

Kan ik na 1 januari 2027 nog salderen?

Nee. De wettelijke salderingsregeling stopt per 1 januari 2027. 31 december 2026 is de laatste dag waarop je kunt salderen. Loopt je contract door in 2027, dan moet je leverancier je verbruik en teruglevering splitsen in de periode voor en na 1 januari 2027.

Wordt het salderen eerst afgebouwd?

Nee. Er was een afbouwpad vanaf 2025 gepland, maar het kabinet heeft gekozen voor één harde stop op 1 januari 2027.

Hoeveel krijg ik straks voor teruggeleverde stroom?

Tot 1 januari 2030 minimaal 50% van het leveringstarief zonder energiebelasting en btw. Wat je netto overhoudt, hangt af van de terugleverkosten van je leverancier. Bij een vast of variabel contract rekent Milieu Centraal met netto rond de 1,25 cent per kWh.

Zijn zonnepanelen na 2027 nog rendabel?

Volgens Milieu Centraal en de ACM verdienen zonnepanelen zich gemiddeld nog binnen hun levensduur terug, maar later dan met salderen. Hoeveel je verdient, hangt vooral af van hoeveel zonnestroom je direct zelf gebruikt.

Moet ik voor 2027 een thuisbatterij kopen?

Dat hoeft niet. Een batterij verhoogt je zelfverbruik flink, maar verdient zich volgens Milieu Centraal meestal niet terug. Begin met de goedkope stappen: verbruik verschuiven en je contract vergelijken.